
In dit blog blikt Freddy Vos, sectiebegeleider bij het Hondsrug College in Emmen, terug op de Groeikracht-periode van zijn school. Hij deelt hoe de implementatie anders verliep dan gehoopt, maar ook welke waardevolle bewegingen de werkwijze toch in gang heeft gezet.
Terwijl ik dit schrijf, zit ik aan onze grote houten tafel achter in de tuin. In de schaduw van een grote hazelaar. Het is ruim 20 graden, strakblauwe lucht, en het fonteintje in de vijver zorgt voor een kabbelend geluid op de achtergrond. Rust. Dit schooljaar is bijna voorbij (zo voelt het al sinds begin februari) en onze periode als Groeikracht-school houdt daarmee ook op.
Hoe het begon
Mijn kennismaking met de werkwijze van stichting leerKRACHT is inmiddels zo’n vier jaar geleden. Een van de speerpunten die onze toenmalige interim-directeur de school inbracht, was dat collega’s vaker bij elkaar in de les zouden komen kijken. Vanuit dat idee ontstond het project Collegiale consultatie.
Met de werkgroep kwamen we al snel tot de conclusie dat “even komen buurten” onvoldoende was. Via de Lesson Study-methode kwamen we al snel bij stichting leerKRACHT terecht. Na een verkennend gesprek was snel duidelijk: dit was waar wij naar op zoek waren. Laagdrempeliger dan Lesson Study, maar met de wetenschappelijke onderbouwing en ondersteuning die wij zochten. En vooral een stap verder dan alleen even bij elkaar binnenkijken.
Binnen de werkgroep gingen we van start. Al snel bleek dat de subsidie voor Groeikracht aangevraagd kon worden. Die kans hebben we gegrepen en zo werden wij een Groeikracht-school.
Een machine die haperde
Wat ik hier wil vertellen is niet het verhaal van een vlekkeloze invoering. Ondanks een zorgvuldige voorbereiding, duidelijke afspraken over de implementatie, een weloverwogen samengestelde groep schoolcoaches en regelmatige bijeenkomsten, verliep de start van het schooljaar moeizaam.
Door onduidelijkheid rondom onder meer de aanpak en de procedure voor het aanstellen van schoolcoaches ontstond er vertraging in het proces. Dat maakte het lastig om de werkwijze direct stevig te verankeren binnen de school. Ook de naam Groeikracht riep soms vragen op. Daarom zijn we gaandeweg gaan spreken over ontwikkel- en werkgroepen. Expertcoaches moesten tijdens bijeenkomsten geregeld tijd besteden aan het toelichten van de achtergrond en meerwaarde van de methodiek, waardoor er minder ruimte was voor de inhoud.
Daarnaast bleek de planning in de praktijk een uitdaging. Bijeenkomsten werden soms afgezegd door andere prioriteiten of omdat onvoldoende collega’s beschikbaar waren. Er is meerdere keren geprobeerd de aanpak opnieuw vaart te geven. Hoewel dat niet heeft geleid tot een schoolbrede implementatie, hebben twee teams wel intensief met de methodiek gewerkt. Dat leverde waardevolle ervaringen op, maar maakte ook duidelijk hoe belangrijk een gedeelde aanpak en voldoende organisatorische ruimte zijn voor een duurzame borging
Wat er toch groeide
En toch. Het is niet alleen maar kommer en kwel geweest, integendeel!
In dit proces hebben collega’s hun stem gevonden. Zijn er via congressen en regionale bijeenkomsten waardevolle ideeën en contacten opgedaan. Heeft de groep coaches manieren gevonden om met tegenslagen om te gaan en steeds weer door te gaan. Zijn er veel collega’s geweest die zich ontzettend in hebben gezet voor de leerlingen, de school en andere collega’s. En eigenlijk het belangrijkste; er zijn meerdere initiatieven ontstaan die leerlingen direct ten goede zijn gekomen. Dat is geen kleine opbrengst.
De noot van de hazelaar
Terwijl ik dit afsluit, valt er een noot van de hazelaar op tafel. Niet gepland, niet gevraagd, gewoon een product van een boom die al die tijd gewoon bleef groeien, ook als niemand ernaar keek.
Zo kijk ik ook terug op onze periode met Groeikracht. De methodiek heeft op het Hondsrug College geen vlekkeloze landing gemaakt en we hebben onderweg obstakels gekend. Tegelijkertijd heeft de aanpak wel degelijk iets in beweging gezet. Er zijn collega’s steviger in hun schoenen gaan staan, voeren andere gesprekken dan voorheen en hebben samen initiatieven ontwikkeld die leerlingen direct ten goede zijn gekomen.
Misschien is dat wel de belangrijkste les. Succes laat zich niet altijd plannen en ontwikkeling verloopt zelden volgens een rechte lijn. Maar wat eenmaal in beweging is gezet, kan ook na afloop van een subsidie of project blijven doorwerken. Groei stopt niet wanneer een traject eindigt.